Paste your Google Webmaster Tools verification code here

Brede aanpak breedtesport bepleit

9 januari 2013 | Door | Categorie: Aanpakken!, Gele Kanarie: Nieuws Totaal, Opinie & Analyse
Sportende kinderen

Optimale sponsoring kan vereniging helpen (Foto: VV Duffel)

Nog maar de helft van de sportclubs in Nederland staat er financieel goed voor, zo blijkt uit vandaag gepubliceerde cijfers. Om het tij te keren pleit de Gele Kanarie voor een brede aanpak van de breedtesport. Zowel van de sporters, sportclubs als de overheid mag een extra inspanning worden verwacht.

Zes gouden Nederlandse medailles op de Olympische Spelen in Londen kunnen niet verbloemen dat de Nederlandse sport zware tijden doormaakt. Want ook op de voetbalvelden, in de sporthallen en in de kantines is de crisis toegeslagen. Dat wordt duidelijk uit de vandaag gepubliceerde cijfers van de Stichting Waarborgfonds Sport. Het fonds bestudeerde de jaarstukken van 1200 sportclubs in Nederland. En daaruit komt naar voren dat de slechts helft van de clubs er financieel goed voor staat. Vier jaar geleden was de positie van 63 procent van de clubs nog goed tot uitstekend. Toeval of niet: Nederland haalde toen nog zeven gouden medailles op de Spelen van Peking…

Volgens het fonds is de financiële situatie van de clubs verslechterd doordat sponsors afhaken, de kantine-inkomsten teruglopen en de subsidie vermindert.

Tot zover de feiten.

Kortzichtig
Sportbestuurders hebben het dramatische tij op een wel erg kortzichtige en makkelijke manier proberen te keren, namelijk door de rekening bij de sporter neer te leggen. Bij vrijwel elke club in Nederland is de contributie (soms fors) verhoogd. Dit is een foute tendens die er op termijn alleen maar toe kan leiden dat sporten straks (opnieuw) iets wordt voor de beter-gesitueerden.

Het is dan ook tijd voor een brede aanpak, vooral op het gebied van de breedtesport. Daarvoor mogen we niet alleen inspanningen verwachten van de sporter, maar vooral ook van de sportbestuurders en de overheid.

Grensrechter

Vrijwilliger aan het werk (Foto: Antoon’s Foobar)

Maatschappelijke inspanning
Allereerst de sporter. Naast een financiële bijdrage mag van hem of haar ook een maatschappelijke inspanning worden verwacht, een inspanning die verder gaat dat het een keer per kwartaal een bardienst draaien in de kantine. Je mag van sporters best vragen een actieve rol te spelen op het gebied van fondsenwerving. Vrijwel iedereen kent in zijn omgeving wel een ondernemer die – zelfs in tijden van crisis – bereid is de club financieel te ondersteunen. Vaak kan dat voor de ondernemer zelfs kostenneutraal. Verder zijn clubleden gezamenlijk vast in staat om creatieve ideeën te ontwikkelen voor bijvoorbeeld crowdfunding. De club hoeft alleen nog maar een bijeenkomst hierover te faciliteren et voila.

Ondernemersangst
Nu ‘de club’ genoemd is, komen we bij de bottle neck van het breedtesportbeleid. Want maar al te vaak heerst bij sportclubs ondernemersangst. Mening sportclub draait op contributie, de jaarlijkse koekverkoop en – vooruit – een jaarlijkse donatie van de plaatselijke versmobielondernemer. Kennelijk is het op veel plaatsen in Nederland nog niet doorgedrongen dat het al lang geen 1988 meer is!

Wat kan ‘de club’ doen? Vooral kansen benutten! Als gezegd: er zijn potentiële sponsors zat. Biedt voor hen sponsorpakketten op maat, in verschillende prijscategorieën. De een wil best tien of twintig nieuwe ballen financieren, de ander wil met zijn advertentie op de clubsite, de volgende wil tegen een vergoeding met zijn naam op de shirt, een vierde vindt het vast leuk om zijn naam te verbinden aan de verhipping van de sportkantine (die dan vervolgens kan worden verhuurd aan de plaatselijke punnikclub, want vergeet niet: breien is hot!). Hou daarbij het oer-Hollandse gezegde ‘Wie het kleine niet eert…’ overigens altijd in het achterhoofd. En vergeet ook nooit je sponsors (groot én klein) in de watten te leggen. Organiseer bijvoorbeeld eens een bedrijventoernooi voor de sponsors (en lok daarmee nieuwe sponsors!).

Middenin de samenleving
Naast het sponsorgedeelte moet bij sportclubs meer het besef ontstaan dat zijn de maatschappelijke spin-in-het-web zijn. Een sportclub hoort midden in de samenleving te staan. Een club is het cement, de lijm, de brug. Het is de ontmoetingsplek voor mensen. Zorg er dan ook voor dat een club die positie inneemt en koestert. Denk na over naschoolse opvang, over reïntegratieprojecten voor werklozen en arbeidsongeschikten enzovoorts. Misschien wil de overheid daarvoor zelfs wel ondersteuning verlenen. Durf dan ook aan te kloppen bij de plaatselijke wethouder van sport.

Op de foto met Epke Zonderland

Op de foto met Epke Zonderland (Foto: Dick Aalders)

Volleyballende senioren
Tot slot de overheid. De afgelopen jaren hebben we helaas te veel gezien dat de sportbestuurders in Nederland vooral hun energie hebben gestopt in de topsport. Welke  bestuurder staat nog niet op de foto met Epke Zonderland of Marianne Vos? Bestuurders moeten beseffen dat Sportland Nederland uiteindelijk meer heeft aan volleyballende senioren op woensdagavond dan aan goudenmedaillewinnaars op de Spelen. Van de overheid mag in eerste instantie worden verwacht dat ze de breedtesport over de volle breedte ondersteunt. Zowel met know how, als – ja, zelfs in tijden van crisis – met geld. Want uiteindelijk is het vooral ook in belang van de overheid dat de burger aan het sporten gaat en aan het sporten blijft. Of moeten we hier nou echt weer wijzen op de almaar stijgende zorgkosten?

Tags: , ,

Laat een reactie achter